Appelpit gedichten

Kindergedichten

stamppot

Lucas in Amerika

Lucas moet zijn stamppot eten
Maar hij houdt zijn mond stijf dicht
“Best wel lekker” zegt zijn broertje
Lucas trekt een vies gezicht

“Eet je stamppot” zegt zijn moeder
“Eet je bord leeg” zegt zijn pa
Lucas rent gewoon naar buiten
Hij wil naar Amerika

Eerst de bus, dan de trein
Hij moet op het vliegveld zijn
Door de lucht, over zee
Gaat ie met het vliegtuig mee
Heel lang vliegen en daarna
Is ie in Amerika

Lucas wandelt door de stad
Grote auto’s, drukke straten
Heel veel mensen om hem heen
Die alleen maar Engels praten

O hello, how do you do?
Are you hungry, lieve schat?
Een mevrouw komt naar hem toe
Lucas lacht en knikt maar wat

De mevrouw pakt zijn hand
Trekt hem naar een restaurant
Zet hem neer, gaat heel vlug
Naar de keuken en terug
En een ober met een schort
brengt hem dan een heel groot bord

Lucas heeft een lege maag
Al twee dagen niks gegeten
Als het bord op tafel staat
Wil hij hongerig gaan eten

Wat de ober heeft gebracht?
Stamppot met een kuiltje jus
Very special, very Dutch
Sinds vandaag op het menu

Lucas schrikt, krijgt een kleur
En hij holt naar de deur
Met de bus, met de train
Door de lucht In een plane:
Als hij dan tóch stamppot moet
Kan dat thuis ook net zo goed!

De operazangeres

(geschreven bij het kinderboek Plaza Patatta van Nanda Roep)

Kijk daar, die dame op teevee
die zo mooi zingt, daar is wat mee.
Ze zingt zo hoog, van tralala,
een Italiaanse opera.

Die dame is zo lief en zacht,
en kijk hoe vriendelijk ze lacht.
Die zangeres op de teevee,
ik zei het al: daar is wat mee.

Haar lieve lach is heel speciaal,
en niet voor jullie allemaal.
Die knipoog na de hoge C
is niet voor jou bedoeld, welnee!

Als die mevrouw naar huis toe gaat,
dan is dat huis in onze straat.
Want die beroemde zangeres
heeft heel toevallig míjn adres!

Snap je het nou? Heb je het door?
Het is dus wel mijn moeder, hoor!

Mijn vader is kok

(geschreven bij het kinderboek Plaza Patatta van Nanda Roep)

Mijn vader heeft een restaurant
Daar kun je heerlijk eten
De aardappels zijn aangebrand
Het zout is hij vergeten

De pannenkoeken zijn er taai
Ze plakken aan je tanden
Er is niet aan bestek gedacht
Je eet maar met je handen

Mijn vader heeft een restaurant
Maar koken kan hij niet
De gasten schreeuwen moord en brand
Maar ik roep: hé, niks aan de hand!
Ik haal tien kilo friet

De gasten in het restaurant
Houden meteen hun mond
Ik breng de schalen vol patat
Bij alle tafels rond

Ze eten snel hun borden leeg
Wat zijn de gasten blij!
Dan roepen ze uit volle borst
drie keer hoera voor mij

tekening tyrannosaurus

Tijdreis

Zó stel ik de tijd in:
Wel tienduizend jaar
De riemen gaan vast
En vertrekken maar

De wereld verdwijnt, het is stil om me heen
Terug in de tijd; een grot van steen
Reusachtige schaduw valt over mij
Een Tyrannosaurus bonkt dichterbij
Ik deins achteruit in de smalle grot
En grijp naar mijn wapen: een mensenbot
De Tyrannosaurus grauwt en gromt
Terwijl hij nader en nader komt

Hoor ik… iemand roepen
Heel zachtjes maar
Het komt van heel ver
Wel tienduizend jaar:
"Kom nou naar beneden
Het eten is klaar!”

Mijn vader

Mijn vader is sterker
Dan de jouwe
Mijn vader kan
Duizend stenen sjouwen
Hij klimt op het dak
Met het grootste gemak
Hij blaast met één zucht
Een huis in de lucht

Mijn vader is sterk
En heel beroemd
Misschien wordt hij
Tot president benoemd
Mijn vader die lacht
Om de donkerste nacht
Maar… buurvrouw Carien
Wil hij liever niet zien

Mijn buurvrouw Carien
Is zo sterk als drie beren
Van haar kan mijn vader
Nog wel wat leren

Rood

Mijn lievelingskleur is zoet
Een aardbei op mijn brood
Een zonnige tomaat
De mooiste kleur is …

Mijn lievelingskleur is warm
De trui is lekker groot
M’n haarband past erbij
Want allebei zijn ze …

Mijn lievelingskleur doet zeer
Ik sneed me laatst een keer
Er kwam een dikke druppel bloed
Die was rood
en warm
en zoet

Gedichten voor kinderen

Op deze pagina vind je kindergedichten. Voor het kindertijdschrift dat ik maak, zoek ik altijd naar een gedicht bij het thema dat aan de orde is. Soms vind ik het niet en schrijf ik het zelf. Een aantal van de gedichten op deze pagina zijn zo ontstaan.


Lachen

Lach-les één:
zeg mij na
ha ha ha ha ha ha ha

Nu les twee:
het kan ook zo:
ho ho ho ho ho ho ho

En let op
hier is les drie:
hi hi hi hi hi hi hi

Slang

Daar buiten zwemt de waterslang
Zijn lenig lichaam meters lang
De gluiperd kijkt me dreigend aan
Maar ik ben helemaal niet bang;
Zijn staart zit aan de waterkraan

zonnedauw

Zonnedauw

Zonnedauw,
klein en groen
Kan zijn blaadjes opendoen
Voelt hij dan
een klein gewicht:
Klappen vlug
de blaadjes dicht

Zonnedauw, zonnedauw,
Je gelooft het
niet zo gauw
Maar die plant kan
vliegen vangen
Want ze blijven
er aan hangen

Zonnedauw, zonnedauw,
En die beestjes,
nou nou nou
Hapt hij met z’n sprietenkaken
Omdat vliegen
hem wel smaken

Zonnedauw,
groen en klein
Zou hij heel veel
groter zijn
Dan gaf ik hem
mijn neefje Stijn
Want die doet
me altijd pijn

ballet

Ballet

Draaien, draaien, strekken
Netjes in de maat
Armen hoog geheven
bíjna een spagaat

Nieuwe roze schoentjes
Krullen ingezet
Roze tulen rokje
Lisa doet ballet

Op het feest van oma
Danst ze als een fee
Lisa krijgt een groot applaus
En oma klapt voor twee

ridder

Ridder te paard

Ik ben een dappere ridder
al op mijn witte paard
en als je met me vechten wilt
hef ik mijn blinkend zwaard.

Ik geef mijn paard de sporen
hij dendert in galop
je kunt zijn hoeven horen:
kataklop kataklop kataklop

We naderen de vijand
Ik zie zijn valse lach
Ik zwaai al met mijn wapen:
straks geef ik hem een slag

Ik laat de teugels vieren
en richt met vaste hand;
Nog even en mijn vijand
ligt kermend in het zand

Dan maakt mijn paard een bochtje
en vlucht in volle vaart
Ik ben een dappere ridder…
maar met een angstig paard

bloemetje

Kijk rustig rond, lees, gebruik gedichten die je van pas komen, maar verspreid ze niet zonder bronvermelding.

geleidehond

Plakje worst

Je waarschuwt me bij elke stoep
en leidt me om obstakels heen
Je bent mijn zicht en toeverlaat
Met jou voel ik me nooit alleen

Gehoorzaam ga je waar ik wil
Naar links, een trap op of rechtdoor
Maar let ik even niet goed op
dan sta ik bij de slager voor

muzieknoten

Muziekles

Mijn zus zit op muziekles
Speelt liedjes op de fluit
Maar als ze gaat studeren
Ga ik vlug de kamer uit

Piep piep piep
G A B
Ik hou wel van muziek
Maar die fluit? Nou nee

Mijn zus is klaar met fluiten
Ze wil een saxofoon
Ze luistert Candy Dulfer
Op haar telefoon
Soms laat ze mij iets horen
Ik vind het wel okee
Veel beter dan zo’n blokfluit
Spoel díe maar door de plee

Piep piep piep
G A B
Ik hou wel van muziek
Maar die fluit? Nou nee

Mijn zus moet het nog leren
Ze blies haar eerste toon
Maar ai, dat is wel moeilijk
Op een saxofoon
Het lijkt niet op de liedjes
Die ze me liet horen
Steeds als ze weer gaat oefenen
Tuteren mijn oren

Toet toet toet
G G G
Een zusje met muziekles
Nou, dat valt niet mee!

Vechten?

Hé, ga weg!
Dat is mijn plek!
Hadjewat?
Moetjewat?
Klap voor je bek?
Kom maar op,
Ik lust je rauw!
Toe dan…. Ja?
Waar blijf je nou?

Kom uit die boom of ik klim naar je toe.
Ik ken karate!
En ook Kung Fu!
Ik sla je rustig van die takken.
Schiet nou op –
Laat je sneller zakken!

Mooi, en nou krijg je een tel of tien
Dan wil ik je helemaal niet meer zien
Een
Twee
Drie
Vier
Zo, die is weg.
Was me dat even bluffen zeg.
Hij schrok zich een aap
Ja, weet hij veel:
Ik ben echt niet sterk…
Maar ik speel goed toneel.

prinsessenjurk

Prinsessenjurk

We mochten ons verkleden
Ik en mijn nichtje Fiet
Ik vroeg: wil jij de prins zijn?
Maar nee, dat wou ze niet

Er is maar één prinsessenjurk
die staat mij heel charmant
Maar Fiet wou de prinses zijn
en trok hem uit mijn hand

We trokken met z’n tweeën
toen hoorden we het scheuren
Ik had ineens een losse mouw
Hoe kon dat nou gebeuren?

Mijn tante zei alleen maar
Dat is een goede les:
Als jullie ruziemaken
wordt niemand de prinses

Toen naaide ze heel netjes
de losse mouw weer vast
En legde de prinsessenjurk
hoog bovenin de kast

Social media

Link naar mijn twitter account.

© Appelpit algemene voorwaarden links